Buitenland

Shell voor de rechter voor medeplichtigheid executies

Shell wordt in Nederland voor de rechter gedaagd in verband met medeplichtigheid aan de executies van negen Nigeriaanse activisten in 1995. Vier weduwen van de activisten die internationaal bekend werden als de Ogoni-9 (NINE) eisen excuses en compensatie voor de schade

De Nigeriaanse Esther Kiobel vindt Shell medeplichtig aan de dood van haar man. Ze wil Shell voor de rechter om excuses en schadevergoeding te eisen. Amnesty steunt haar zaak.

Executies na showproces

Negen activisten van de Ogonistam uit Ogoniland in de Nigerdelta werden ruim 21 jaar geleden in een showproces geëxecuteerd. Esther’s man Barinem Kiobel was een van hen. Hij maakte deel uit van de Ogoni 9, met aan het hoofd de schrijver en zakenman Ken Saro Wiwa. Hij kwam op voor het lot van de Ogoni stam. Hun land wordt doorkliefd door de pijpleidingen van Shell. De Ogoni profiteren niet mee van de oliewinning, maar lijden wel onder de olielekken die het land vergiftigen.

Ken Saro Wiwa

De Ogoni organiseerden grote protesten tegen Shell om een deel van de oliewinst op te eisen. Onlusten volgden en het leger greep hard in. De leider Ken Saro Wiwa werd gearresteerd op verdenking van moord op mede Ogoni’s. De man van Esther werd erbij gelapt. Hij en zeven anderen werden in een showproces veroordeeld tot de dood en opgehangen. 

De nabestaanden van Ken Saro Wiwa kregen na jaren procederen tegen Shell een schadevergoeding. Esther en drie andere weduwen kregen niets. In 2002 begonnen ze een rechtszaak tegen Shell in de Verenigde Staten. Dat liep in 2013 op niets uit. Het Hooggerechtshof bepaalde toen dat ze geen uitspraak kunnen doen. Esther probeert het nu vanuit Nederland. Haar advocaat kan de stukken uit de vorige rechtszaak gebruiken. Inmiddels woont Esther met haar zeven kinderen in Amerika.

‘Shell had kunnen veroordelen”

Esther’s advocaat Channa Samkalden: “Shell had de arrestaties en het showproces kunnen veroordelen, maar deed dat niet.” Volgens Samkalden is er grote verwevenheid tussen het Nigeriaanse regime en het olieconcern waarbij het commerciele belang voorop staat. Ze verwacht dat de zaak lang zal duren. 

Reactie Shell Petroleum Development Company of Nigeria Ltd (SPDC) op de dagvaarding.

‘We hebben de aantijgingen in deze tragische zaak altijd in de sterkst mogelijke bewoordingen ontkend. De executies van Ken Saro-Wiwa en zijn mede-Ogonis in 1995 waren tragische gebeurtenissen die werden uitgevoerd door het militaire bewind dat destijdsaan de macht was. We waren geschokt en verdrietig toen we het nieuws over de executies hoorden. SPDC heeft de Nigeriaanse overheid om clementie verzocht. Tot onze grote spijt is dat verzoek, net als die van vele anderen van binnen en buiten Nigeria, niet ingewilligd. Steun voor mensenrechtenbij het zakendoen is fundamenteel voor Shells kernwaarden van eerlijkheid, integriteit en respect voor mensen. We geloven dat het bewijs duidelijk zal laten zien dat Shell niet verantwoordelijk was voor deze tragische gebeurtenissen.’
 
‘SPDC heeft nog niet de mogelijkheid gehad om de dagvaarding of het rapport van Amnesty International te beoordelen. Maar gebaseerd op de samenvatting die we hebben gelezen, zijn de beschuldigingen tegen Royal Dutch Shell en de SPDC onjuist en ongegrond. SPDC spande niet samen met de autoriteiten om de onrust onder het volk te onderdrukken en heeft op geen enkele manier daden van geweld in Nigeria aangemoedigd of verdedigd. In werkelijkheid gelooft het bedrijf dat dialoog de beste manier is om geschillen op te lossen.