Buitenland

Wat kunnen Nederland en EU doen aan situatie Turkije?

Sinds de mislukte coup in Turkije zijn in de afgelopen twee weken meer dan 60 000 militairen, politiefunctionarissen, rechters, onderwijzers en ambtenaren, geschorst, ontslagen of gevangen gezet. De Turkse regering heeft drie nieuwsagentschappen, zestien televisiezenders, 23 radiostations, vijftien tijdschriften en 45 dagbladen gesloten en daarnaast zijn er opnieuw tientallen journalisten in hechtenis genomen. 

De noodtoestand is voor drie maanden uitgeroepen en het Europees verdrag voor de rechten van de mens opgeschort. Volgens Amnesty International worden gevangenen mishandeld en zelfs misbruikt. Maar wat doet de internationale gemeenschap? 

Reacties internationale gemeenschap

Tot nu toe hebben verschillende Europese leiders Turkije opgeroepen om de rechtsstaat te respecteren en hebben sommige prominenten het zelfs ‘onacceptabel’ genoemd wat er in Turkije gebeurt. Maar onderhandelingen over een mogelijke toetreding van Turkije tot de Europese Unie gaan gewoon door, en ook aan de deal met Turkije over vluchtelingen lijkt van Europese kant nog niet te worden getornd. 

Wat kan Europa doen aan de mensenrechtensituatie in Turkije? En is het slim van Europese leiders om harde uitspraken te doen in de richting van Erdogan en om zich vergaand te bemoeien met Turkse interne aangelegenheden?

In EenVandaag een gesprek met Ruud Bosgraaf van Amnesty International en met historicus Arend Jan Boekestijn. In de studio is CDA-kamerlid en lid van de Raad van Europa, de mensenrechtenwaakhond van Europa, Pieter Omtzigt.

Reactie minister Koenders en minister Rutte 

De Nederlandse Vereniging van Journalisten (NVJ) schreef gisteren een brief aan minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken. De NVJ wil dat minister Koenders zich uitspreekt tegen de repressie van journalisten en media in Turkije, omdat het tot nu stil bleef vanuit de Haagse politiek. 

Gisteren heeft minister Koenders gereageerd op de situatie in Turkije: 

'Geachte heer Van Weezel, Geachte heer Keulen,

Graag reageer ik hierbij op de verklaring van uw vereniging van 28 juli over Turkije. U schetst daarin uw terechte zorgen over de situatie rondom de media in Turkije in de nasleep van de coup, waar nu mediabedrijven worden gesloten en journalisten worden aangehouden.

Nederland had al zorgen over de ontwikkelingen in Turkije ten aanzien van mediavrijheid. De omvang van het Turkse optreden tegen de mediavrijheid sinds de coup heeft die zorgen bij mij verder aangewakkerd. Dat is de reden dat ik mij daarover vorige week reeds kritisch heb uitgesproken en heb aangedrongen op een duidelijke verklaring van de EU. Tevens heb ik terzake inmiddels gesproken met mijn Turkse ambtgenoot, Hoge Vertegenwoordiger van de EU Mogherini en de Raad van Europa. Het is immers van groot belang dat de afwikkeling van de poging tot staatsgreep zorgvuldig gebeurt, binnen de kaders van rechtsstatelijkheid. Ook de manier waarop Turkije in de nasleep van de coup omgaat met de media moet gebeuren met respect voor de rechtsstaat en vrijheid van pers.

Nederland zal zijn zorgen over de persvrijheid en de situatie van de media in Turkije in directe contacten aan de orde blijven stellen, ook in de nasleep van de coup. Ik zie dat als onze plicht aan de vrijheid van meningsuiting.

Met vriendelijke groet,

Bert Koenders
Minister van Buitenlandse Zaken'

Vandaag gaf ook minister Rutte een reactie: 

"Spanningen elders in de wereld mogen nooit de rechtvaardiging zijn voor bedreigingen en vernielingen in Nederland. Deze week zien we in ons land reacties op de ontwikkelingen in Turkije die over de schreef gaan. Bedreigingen en vernielingen zijn onacceptabel en op geen enkele manier te rechtvaardigen. We zullen die nooit toestaan. Ik en wij allemaal voelen iets bij de ontwikkelingen in Turkije. Dat is heel normaal. Maar het is niet normaal dat spanningen duizenden kilometers hier vandaan, leiden tot bedreigingen in Nederland. Hier lossen we problemen anders op.

Lokaal, landelijk en internationaal werken heel veel mensen aan het normaliseren van de verhoudingen. Dit zijn de drie niveaus waar ook het kabinet op werkt, zoals minister Koenders vorige week in een brief aan de Tweede Kamer al samenvatte. 

Op dit moment zijn er enkele tientallen aangiften gedaan van bedreiging en vernieling. De politie onderzoekt deze. Het is heel begrijpelijk dat mensen zich hierdoor geïntimideerd voelen. 

De kracht van onze Nederlandse rechtstaat is dat we niemand veroordelen om zijn mening of gedachten. We beoordelen mensen op hun gedrag. De grens ligt bij aanzetten tot haat of geweld. Wie daar overheen gaat, vindt onze politie en justitie op zijn weg. Onze agenten en veiligheidsmensen zijn alert en tolereren dit niet.

Even belangrijk is dat we mensen als individu blijven zien. We beoordelen mensen niet omdat zij zogenaamd bij een grotere groep horen. Dat Gülen-aanhangers in Turkije verdacht worden van de coup-poging wil niet zeggen dat een Turks-Nederlandse winkelier in Nederland daar iets mee te maken heeft. Iedereen geniet in ons land individuele rechtsbescherming. En daar doen we geen millimeter aan af. De overheid staat voor rechtsbescherming en handhaving.

De andere kant van de aanpak is het onderlinge gesprek. Ook dat is de kracht van Nederland. De overheid kan helpen om gesprekken in wijken, dorpen en steden te organiseren. Gelukkig zien we heel veel initiatieven daarvoor. Dat bleek deze week weer toen vertegenwoordigers van gemeenten samenkwamen met betrokken ministeries.
Ook docenten en scholen verdienen hulp wanneer zij na de vakantie in hun klaslokalen mogelijk op discussies tussen hun leerlingen stuiten. Ahmed Marcouch wees terecht op dit punt. De ministeries van SZW en OCW bekijken samen met de stichting School en Veiligheid hoe docenten hierbij ondersteund kunnen worden met praktische tips en adviezen. De stichting is ook bereikbaar voor scholen die hulp willen hebben. Met deze aanpak hebben we goede ervaringen na bijvoorbeeld de aanslagen in Brussel en Parijs.
Met Turks-Nederlandse organisaties en sleutelfiguren uit de gemeenschappen blijven we intensief contact houden. Ook zij spelen een belangrijke rol om bij te dragen aan de rust in ons land.

Gisteren is er opnieuw contact geweest met de Turkse regering. Ook van de officiële vertegenwoordigers van Turkije in Nederland verwachten wij dat zij bijdragen aan rust in ons land. Nederland veroordeelt de couppoging tegen de democratische instellingen in Turkije. Aanvallen op het Turks staatsbestel zijn ontoelaatbaar. De Turkse regering stelt zich daar terecht tegen teweer. In deze strijd mogen mensenrechten en eerlijke processen niet het slachtoffer worden. De berichten over aanhoudingen van rechters, ambtenaren en journalisten zijn zorgelijk, net als het nieuws dat vele media en scholen de deuren moeten sluiten. Minister Koenders heeft over het optreden tegen de mediavrijheid gesproken met zijn Turkse ambtgenoot. In al onze directe contacten met Turkije blijven we aandacht vragen voor onze zorgen. Ieder mens dat verdacht wordt van betrokkenheid, heeft recht op een individueel en eerlijk proces. Nederland zal niet nalaten dit te onderstrepen

Sommige mensen lijken te denken dat wij onze mening inslikken omdat we samenwerken met Turkije op een belangrijk onderwerp als de aanpak van migratie. Dat klopt niet. De instabiliteit in veel landen om Europa heen, is een realiteit die we onder ogen moeten zien. Voor opvang in de regio, het wegnemen van grondoorzaken en het beheersbaar houden van de vluchtelingenstroom zal samenwerking altijd nodig blijven. Met Turkije, en met veel andere landen in de regio. Dat blijven we dus ook doen. Net als we blijven samenwerken bij de strijd tegen ISIS en foreign terrorist fighters. Maar dat betekent niet dat we onze waarden laten varen. De rechtsstaat en mensenrechten moeten gerespecteerd worden. De doodstraf, waarover je nu discussies ziet in Turkije, is daarmee onverenigbaar. Nederland is hierin, net als al onze Europese partners, ondubbelzinnig duidelijk.

Lodewijk Asscher, Bert Koenders, Ard van der Steur en ikzelf zijn hier dagelijks mee bezig, ook tijdens de vakanties. Maatregelen zijn deels zichtbaar, deels onzichtbaar. Het werk vindt deels achter de schermen plaats, en deels voor de schermen. Waar nodig, spreken we ons publiek uit via de media, bijvoorbeeld om duidelijk de norm te stellen dat bedreiging en geweld nooit acceptabel zijn. Of om duidelijk te maken dat Nederland staat voor mensenrechten. Of om alle mensen te ondersteunen die kiezen voor gesprek in plaats van intimidatie."