Buitenland

De 'noodtoestand' in Frankrijk: het nieuwe normaal?

Frankrijk voelde na de afschuwelijke aanslagen van 13 november als een land in oorlog. En niemand vond het raar dat de president met speciale maatregelen kwam, zoals het afkondigen van de ‘noodtoestand’. Normaal duurt zoiets drie maanden en gaat men weer over van de ‘noodtoestand’ naar de ‘normale toestand’. Maar dat lijkt in Frankrijk maar niet te lukken.

Voor een deel verklaarbaar: juist toen de noodtoestand opgeheven zou worden, op 20 juli, was er een nieuwe aanslag in Nice. De noodtoestand werd daarna - in plaats van afgeschaft - een half jaar verlengd. Inmiddels dreigt de de noodtoestand zo’n beetje het ‘nieuwe normaal’ te worden. En dat baart zorgen. Zoals als het voor een mens ongezond is om permanent in een staat van alertheid verkeren, kan het voor een staat ook niet goed zijn. Nog steeds patrouilleren permanent 10.000 militairen in Frankrijk. Er zijn twintig miljoen overuren gemaakt door politie en veiligheidsdiensten en er zijn 4000 huiszoekingen gedaan. 24 moskeeën zijn gesloten en enkele honderden huisarresten werden er opgelegd.

De noodtoestand in cijfers:


Al die activiteit was in de weken na de aanslagen nog wel te verklaren. En we weten niet of er door deze aanpak nieuwe aanslagen zijn voorkomen. Maar de ‘toestand’ duurt nu al een jaar. Wie de balans opmaakt ziet dat uit alle huiszoekingen slechts vijf strafzaken zijn voortgekomen in verband met terrorisme, waarvan er één al dateert van voor de noodtoestand. Moskeeën die gesloten zijn blijven ondertussen gesloten. Bijvoorbeeld in het plaatsje Lagny. Moslims bidden daar nog elke dag op straat om te protesteren tegen deze maatregel.

Jammer is dat deze moslims zich door deze maatregel in de eerste plaats zichzelf als slachtoffers zien. In plaats van bijvoorbeeld samen te werken met de lokale overheid om te kijken naar eventuele veiligheidsrisico’s. Of bijvoorbeeld een poging te doen om de scheidslijn scherp te krijgen tussen wat zij zien als een vrome beoefening van hun religie en het aanzetten tot haat en geweld. Want er waren wel degelijk aanwijzingen dat een aantal jongeren van de moskee zijn geradicaliseerd en naar Syrië zijn afgereisd.
 
Nee, zij voelen zich zo unfair behandeld dat ze vooral eisen dat “de staat met harde bewijzen komt”. Die zijn er vooralsnog niet, want na de sluiting van de moskee en het nemen van alle andere noodmaatregelen was er niet genoeg capaciteit om ook echt uit te zoeken wie op welke gronden aangesproken of gearresteerd zou moeten worden. Zelfonderzoek van de moskee komt er ook niet. Lokale bestuurders zitten met de kwestie in hun maag en kunnen weinig anders doen dan de situatie maar zo laten en hopen dat het ooit beter wordt. Intussen worden de gelovigen, die nu - met enig gevoel voor theater - vijf keer per dag op een regenachtig plein hun gebed doen, er niet milder op. 

Hoe logisch het ook was om na de aanslagen ‘harde maatregelen’ aan te kondigen, het blijkt veel moeilijker om deze maatregelen weer af te schalen en terug te keren naar normale situatie. Er is altijd het risico dat zich toch – opnieuw - een aanslag voordoet. Iedereen weet dat zoiets ook niet met deze maatregelen voorkomen kan worden. Maar niemand in de politiek heeft zin om het hardop te zeggen.

En dus wordt Frankrijk, het land waar de scheiding der machten en de rechten van de mens zijn uitgevonden, ook het land waar nu misschien wel oneindig worden ‘opgeschort’. De verwachting is dat de noodtoestand in ieder geval wordt gehandhaafd tot na de presidentsverkiezingen, want de populariteit van president Francois Hollande heeft onlangs een historisch dieptepunt bereikt.  En wie er dan aan de knoppen van Frankrijk zit? Dat zien we dan wel.